Als een woestijnverhaal van Cormac McCarthy, ontvouwt Motorpsycho’s nieuwste werk zich als een epische reis door het muzikale landschap van hun 36-jarige carrière. Net zoals Raymond Carver’s personages hun levens heruitvinden, hebben Bent Sæther en Hans Magnus Ryan hun band gedeconstrueerd tot de essentie: een duo dat de vrijheid heeft gevonden in beperking.
Dit zelfgetitelde dubbelalbum voelt aan als een lange roadtrip door Amerika’s verlaten highways, waar Jim Harrison’s ruige karakters hun verhalen vertellen in verweerde cafés. Over 81 minuten neemt de band je mee van psychedelische oases (‘Balthaazar’) naar door krautrock gedreven vergezichten die doen denken aan het oneindige perspectief in een Barry Gifford scenario.
De productie, verzorgd door Andrew Scheps, heeft de helderheid van een zonsopgang boven Monument Valley. Kortere tracks als ‘Stanley (Tonight’s the Night)’ en ‘Core Memory Corrupt’ fungeren als halteplaatsen, waar alternatieve rock uit de jaren ’90 wordt opgediend als een verfrissende shake in een highway diner. Maar het is in het 21 minuten durende ‘Neotzar (The Second Coming)’ waar de band echt excelleert – een progressieve odyssee die zich ontvouwt als een Don DeLillo roman, vol verborgen betekenissen en onverwachte wendingen.
Na twee ‘pandemisch geconditioneerde’ albums (‘Yay!’ en ‘Neigh!!’) voelt deze plaat als een bevrijding. De nieuwe opstelling, aangevuld met gastmuzikanten als Reine Fiske en Thea Grant, creëert een soundscape zo rijk als de karakters in een Tom Waits song. Van de Zeppelin-achtige grooves in ‘The Comeback’ tot de verstilde folk van ‘Bed of Roses’ – elke track is een nieuw hoofdstuk in een verhaal dat zich blijft ontwikkelen.
Wat vooral opvalt is hoe de band, net als Charles Bukowski’s alter ego Henry Chinaski, weigert zich te conformeren aan verwachtingen. Ze mengen moeiteloos King Crimson-progressiviteit met de directheid van garagerock, terwijl de Mellotron zwevende klanktapijten weeft die doen denken aan de dromerige sequences uit een David Lynch film.
Deze plaat is geen eindbestemming maar een nieuwe start, waarin Motorpsycho als eigenaars van hun eigen label NFGS eindelijk complete artistieke vrijheid hebben gevonden. Het resultaat is een album dat, zoals Sam Shepard’s beste werk, zowel rauw als poëtisch is, beide geworteld in traditie én vooruitstrevend.
Met deze release bewijst Motorpsycho dat ze, 36 jaar na hun debuut, nog steeds nieuwe horizonten weten te verkennen. Het is een album dat vraagt om herhaaldelijk beluisteren, zoals een goed boek dat vraagt om herrezen. Een 8/10 voor een band die weigert stil te staan, altijd onderweg naar de volgende muzikale grenspost. (8/10) (NORDFENFJESLKE GRAMMAFONSELSKAB)